Differentiatie- en Fasetherapie 


Hechtingsproblemen:

Gehechtheid is de affectieve band die er tussen twee personen bestaat. Kinderen hebben een hechtingsrelatie nodig om zich te kunnen ontwikkelen, omdat zij vanwege hun leeftijd afhankelijk van volwassenen zijn. In de wetenschappelijke literatuur wordt onderscheid gemaakt tussen een veilige gehechtheid en een onveilige gehechtheid. Kinderen die veilig gehecht zijn hebben vertrouwen in zichzelf en in anderen en zij leven en ontwikkelen zich vanuit dat basisvertrouwen. Kinderen die onveilig gehecht zijn hebben vaak dat basisvertrouwen niet en ontwikkelen zich daardoor minder evenwichtig. Zij ervaren dan diverse problemen ofwel de (directe) omgeving ervaart diverse problemen met deze kinderen. Dit noemen we dan hechtingsproblemen.

Bron: Melody Psycare GGZ



Differentiatie en fasetherapie zijn twee therapievormen voor kinderen en jongeren met hechtingsproblemen. Op een gecontroleerde en gefaseerde manier worden corrigerende ervaringen opgedaan rond zorg, vertrouwen in anderen, denken over jezelf, ed. Bij differentiatietherapie wordt een kind of jongere gestimuleerd om te leren differentiëren en allerlei verschillen te gaan voelen. Dit gebeurt in eerste instantie op concreet niveau. 

Iets is zacht, warm, koud, zout, zoet, enzovoort. Daarna wordt dit uitgebreid naar emoties. In de thuissituatie wordt in deze periode aandacht besteed aan een stabiele omgeving en het inperken van eventuele gedragsproblemen. Als het kind voldoende kan differentiëren, kan worden gestart met fasetherapie. Met kinderen en jongeren wordt per levensfase (baby, peuter, kleuter, basisschool) uitgezocht wat een kind nodig heeft. Hierna mogen kinderen dit met hun ouders of verzorgers binnen strak omschreven huiswerkopdrachten gaan naspelen. Op speelse wijze wordt er bijvoorbeeld per dag tien minuten voorgelezen in een sfeer van “samen zijn”. Ervaringen worden in de therapie uitgewerkt. Met ouders of verzorgers is zeer regelmatig contact. Differentiatie- & fasetherapie zijn therapieën die veel inzet vragen van kind/jongere, ouders/verzorgers en hulpverlener. Er moet immers goed en langdurig worden samengewerkt.  Met ouders of verzorgers is er regelmatig contact. Bij fasetherapie dient u rekening te houden met een therapie die negen maanden tot een jaar kan duren.

Of er sprake is van hechtingsproblemen moet onderzocht worden door een professional met voldoende kwalificaties (bv. gz-psycholoog, orthopedagoog-generalist, klinisch psycholoog) én kennis van hechtingsproblemen.

Op de site hechtingsproblemen kunt u meer over dit onderwerp lezen. 

 

Differentiatie- en Fasetherapie

 

 

Hechtingsproblemen:

Gehechtheid is de affectieve band die er tussen twee personen bestaat. Kinderen hebben een hechtingsrelatie nodig om zich te kunnen ontwikkelen, omdat zij vanwege hun leeftijd afhankelijk van volwassenen zijn. In de wetenschappelijke literatuur wordt onderscheid gemaakt tussen een veilige gehechtheid en een onveilige gehechtheid. Kinderen die veilig gehecht zijn hebben vertrouwen in zichzelf en in anderen en zij leven en ontwikkelen zich vanuit dat basisvertrouwen. Kinderen die onveilig gehecht zijn hebben vaak dat basisvertrouwen niet en ontwikkelen zich daardoor minder evenwichtig. Zij ervaren dan diverse problemen ofwel de (directe) omgeving ervaart diverse problemen met deze kinderen. Dit noemen we dan hechtingsproblemen.

Bron: Melody Psycare GGZ

 

Differentiatie en fasetherapie:

Differentiatie & fasetherapie zijn twee therapievormen voor kinderen en jongeren met hechtingsproblemen. Op een gecontroleerde en gefaseerde manier worden corrigerende ervaringen opgedaan rond zorg, vertrouwen in anderen, denken over jezelf, ed. Bij differentiatietherapie wordt een kind of jongere gestimuleerd om te leren differentiëren en allerlei verschillen te gaan voelen. Dit gebeurt in eerste instantie op concreet niveau.

 

Iets is zacht, warm, koud, zout, zoet, enzovoort. Daarna wordt dit uitgebreid naar emoties. In de thuissituatie wordt in deze periode aandacht besteed aan een stabiele omgeving en het inperken van eventuele gedragsproblemen. Als het kind voldoende kan differentiëren, kan worden gestart met fasetherapie. Met kinderen en jongeren wordt per levensfase (baby, peuter, kleuter, basisschool) uitgezocht wat een kind nodig heeft. Hierna mogen kinderen dit met hun ouders of verzorgers binnen strak omschreven huiswerkopdrachten gaan naspelen. Op speelse wijze wordt er bijvoorbeeld per dag tien minuten voorgelezen in een sfeer van “samen zijn”. Ervaringen worden in de therapie uitgewerkt. Met ouders of verzorgers is zeer regelmatig contact. Differentiatie- & fasetherapie zijn therapieën die veel inzet vragen van kind/jongere, ouders/verzorgers en hulpverlener. Er moet immers goed en langdurig worden samengewerk.  Met ouders of verzorgers is regelmatig contact. Bij fasetherapie dient u rekening te houden met een therapie die negen maanden tot een jaar kan duren.

Of er sprake is van hechtingsproblemen moet onderzocht worden door een professional met voldoende kwalificaties (bv. gz-psycholoog, orthopedagoog-generalist, klinisch psycholoog) én kennis van hechtingsproblemen.

Op de site hechtingsproblemen
kunt u meer over dit onderwerp lezen.